Aspergillose
Aspergillose behoort wereldwijd tot de belangrijkste schimmelziekten bij vogels in gevangenschap. Vooral insecten- en vruchteneters, waaronder de verschillende Tangara-soorten, blijken bijzonder gevoelig voor deze aandoening. Omdat Tangara's hun ziekteverschijnselen vaak lang verbergen, wordt de infectie meestal pas opgemerkt wanneer de ziekte al in een vergevorderd stadium verkeert. Hierdoor is aspergillose nog steeds één van de belangrijkste doodsoorzaken bij kwetsbare volièrevogels.
De ziekte wordt veroorzaakt door schimmels van het geslacht Aspergillus, waarvan Aspergillus fumigatus veruit de belangrijkste ziekteverwekker is. Deze schimmel komt overal in onze leefomgeving voor. Hij groeit op rottend organisch materiaal, vochtig strooisel, nestmateriaal, bladeren, compost, beschimmeld fruit en opgeslagen vogelvoer. De schimmel produceert voortdurend microscopisch kleine sporen die zich gemakkelijk via de lucht verspreiden. Iedere vogel ademt dagelijks dergelijke sporen in, maar een gezonde vogel met een goed werkend immuunsysteem ruimt deze normaal probleemloos op zonder ziek te worden.
Pas wanneer de concentratie schimmelsporen in de omgeving erg hoog wordt of wanneer de natuurlijke weerstand van de vogel afneemt, krijgt de schimmel de kans om zich in het ademhalingsstelsel te vestigen. Door hun uiterst kleine afmetingen worden de sporen nauwelijks tegengehouden in de neus of luchtpijp en bereiken ze gemakkelijk de luchtzakken en de longen. Daar kunnen ze ontkiemen en uitgroeien tot schimmeldraden (hyfen), die diep in het weefsel binnendringen. Het gevolg is een ontstekingsreactie waarbij geleidelijk granulomen en kaasachtige plaques ontstaan. Deze letsels kunnen de luchtwegen gedeeltelijk of volledig afsluiten, waardoor de ademhaling steeds moeilijker wordt. In ernstige gevallen dringt de schimmel door de luchtzakwand heen of verspreidt hij zich via de bloedbaan naar andere organen zoals lever, nieren, hersenen of zelfs de ogen.
Bij de dissectie van deze Stilpnia cayana door Jonas Leus werd ter hoogte van de syrinx aspergillose vastgesteld. Door de vorming van een granuloom werd de luchtweg geleidelijk vernauwd, waardoor de vogel steeds moeilijker kon ademen. In dit stadium was de aandoening niet langer behandelbaar. © Jonas Leus - medibird
Hoewel aspergillose niet besmettelijk is van vogel op vogel, kunnen meerdere dieren in een collectie gelijktijdig ziek worden wanneer de omstandigheden gunstig zijn voor de ontwikkeling van de schimmel. De omgeving speelt daarom een veel grotere rol dan de aanwezigheid van een zieke vogel.
Bij Tangara's zijn verschillende factoren bekend die de kans op aspergillose aanzienlijk verhogen. Een warme en vochtige omgeving vormt een ideaal klimaat voor de ontwikkeling van Aspergillus. Ook onvoldoende ventilatie zorgt ervoor dat grote hoeveelheden sporen zich kunnen ophopen in de lucht. Beschimmeld voer, nat nestmateriaal, vuile bodembedekking en onvoldoende hygiëne verhogen het besmettingsrisico nog verder.
Daarnaast speelt ook stress een belangrijke rol. Tangara's behoren tot de gevoelige vogelsoorten die sterk reageren op veranderingen in hun omgeving. Transport, het verplaatsen naar een nieuwe volière, het samenbrengen van nieuwe koppels, overbezetting, langdurige kweekactiviteiten of voortdurende verstoring kunnen de weerstand tijdelijk doen dalen. Ook een onevenwichtige voeding, een tekort aan vitamine A, langdurige behandeling met bepaalde antibiotica of corticosteroïden en andere onderliggende ziekten kunnen het afweersysteem onderdrukken, waardoor de schimmel de kans krijgt zich te ontwikkelen.
Afhankelijk van de hoeveelheid ingeademde sporen en de weerstand van de vogel kan aspergillose zich op twee verschillende manieren ontwikkelen. Bij een acute infectie ademt de vogel in korte tijd een zeer grote hoeveelheid sporen in. Vooral jonge vogels of dieren met een sterk verzwakte weerstand kunnen hierdoor binnen enkele dagen ernstig ziek worden. Ze vertonen uitgesproken ademhalingsproblemen, ademen met open bek, happen naar lucht, zitten bol en lusteloos en stoppen vaak volledig met eten. In sommige gevallen treedt zelfs plotselinge sterfte op zonder dat er vooraf duidelijke symptomen werden waargenomen.
Veel vaker zien we echter de chronische vorm van aspergillose. Deze ontwikkelt zich langzaam over een periode van enkele weken tot zelfs maanden. Juist deze vorm vormt bij Tangara's een groot probleem, omdat de eerste verschijnselen bijzonder subtiel zijn. De vogels worden geleidelijk minder actief, verliezen langzaam gewicht en tonen minder interesse in hun omgeving. Hun verenkleed oogt minder verzorgd en tijdens de dagelijkse observatie lijken ze iets rustiger dan normaal. Sommige vogels zingen minder of hun stem verandert doordat de schimmel zich rond de syrinx ontwikkelt.
Pas wanneer een belangrijk deel van de luchtzakken of longen is aangetast, worden de ademhalingsproblemen duidelijk zichtbaar. De vogel begint sneller te ademen, zit regelmatig met open bek, beweegt de staart opvallend op en neer tijdens de ademhaling en raakt snel uitgeput. Wanneer de infectie zich uitbreidt naar andere organen kunnen bijkomende symptomen ontstaan, zoals braken, neurologische stoornissen, evenwichtsproblemen of verlammingsverschijnselen. Op dat ogenblik is de prognose vaak al gereserveerd.
Het stellen van een definitieve diagnose is niet eenvoudig. De klinische symptomen zijn immers weinig specifiek en kunnen ook voorkomen bij bacteriële luchtweginfecties of andere aandoeningen van het ademhalingsstelsel. Daarom zal een vogelarts verschillende onderzoeken combineren. Naast een grondig klinisch onderzoek kunnen bloedonderzoek, radiografie of CT-scans aanwijzingen geven voor aantasting van de luchtzakken en longen. Endoscopie biedt de mogelijkheid om rechtstreeks in de luchtzakken te kijken en eventuele schimmelplaques zichtbaar te maken. Tegelijk kunnen tijdens dit onderzoek stalen genomen worden voor cytologisch onderzoek, schimmelkweek of PCR. Omdat Aspergillus overal in de omgeving voorkomt, is één positieve kweek alleen onvoldoende om de diagnose te bevestigen. De resultaten moeten steeds samen beoordeeld worden met het ziektebeeld en de overige onderzoeksbevindingen.
De behandeling van aspergillose blijft een uitdaging. Doordat de schimmel diep in het weefsel groeit en vaak omgeven wordt door stevige granulomen, bereiken geneesmiddelen de infectiehaarden niet altijd gemakkelijk. Bovendien wordt de ziekte vaak pas ontdekt wanneer de aantasting al uitgebreid is.
De behandeling bestaat daarom meestal uit een langdurige toediening van antischimmelmiddelen zoals itraconazol of voriconazol. Afhankelijk van de ernst van de infectie kan deze therapie worden aangevuld met verneveling van antischimmelmiddelen, zodat een hogere concentratie van het geneesmiddel rechtstreeks in de luchtwegen terechtkomt. Wanneer grote schimmelmassa's de luchtwegen afsluiten, kunnen deze soms endoscopisch verwijderd worden, maar dit is technisch moeilijk en brengt steeds een risico met zich mee. Tijdens de volledige behandeling is het essentieel om ook de huisvesting te optimaliseren. Zonder verbetering van de hygiëne, ventilatie en algemene verzorging blijft de kans op herval immers groot.
Zoals bij veel ziekten is voorkomen veel eenvoudiger dan genezen. Voor kwekers van Tangara's betekent dit vooral aandacht besteden aan een droge, goed verluchte volière waarin vocht zich niet kan ophopen. Nestmateriaal en bodembedekking moeten regelmatig worden vervangen en beschimmeld fruit of insectenvoer mogen nooit in de volière achterblijven. Vogelvoer wordt best koel en droog bewaard om schimmelvorming te voorkomen. Daarnaast blijft een gevarieerde en uitgebalanceerde voeding belangrijk om de weerstand optimaal te houden. Stress dient zoveel mogelijk beperkt te worden door onnodige verstoringen te vermijden en nieuwe vogels eerst in quarantaine te plaatsen voordat ze aan de bestaande groep worden toegevoegd.
Aspergillose zal waarschijnlijk altijd een risico blijven voor gevoelige vogelsoorten zoals Tangara's. Toch kan een groot deel van de problemen worden voorkomen door aandacht te besteden aan de leefomgeving en de algemene gezondheid van de vogels. Een goede ventilatie, een droge en propere huisvesting, een optimale voeding en het tijdig herkennen van de eerste subtiele ziekteverschijnselen vormen nog steeds de beste verdediging tegen deze vaak ernstige schimmelinfectie.